De juiste werkhouding
Om lichamelijke klachten te voorkomen moet iedere werkplek worden aangepast aan de gebruiker. Dat kan met in hoogte instelbare bureaus en verstelbare bureaustoelen. Een juiste werkhouding verkrijgt men door goed achter in de stoel plaats te nemen (men moet een vuistdikte tussen de zitting en het onderbeen vrij houden). Men plaatst de voeten plat op de grond recht onder het kniegewricht. U dient de hoogte van de zitting in te stellen, zodat een hoek van 90 graden tussen boven- en onderbeen ontstaat. De hoogte van de armleuningen stelt u zodanig af, zodat deze u bij uw werkzaamheden voldoende ondersteuning geeft ter hoogte van de elleboog. U dient wederom een hoek van 90 graden tussen onder- en bovenarm te hebben. Verder is het raadzaam om bij langdurige werkzaamheden geregeld van houding te wisselen en regelmatig een pauze in te lassen. Voor een optimale werkhouding behoort de monitor op de juiste hoogte te staan; als men recht vooruit kijkt dient tegen de bovenkant van de monitor aan te kijken.
Tabel Richtlijnen voor een juiste werkhouding
|
lichaamslengte |
200 |
195 |
190 |
185 |
180 |
175 |
170 |
165 |
160 |
155 |
150 |
|
hoogte werkvlak |
82 |
80 |
78 |
76 |
74 |
72 |
70 |
68 |
66 |
64 |
62 |
|
hoogte lendesteun |
30 |
29 |
28 |
27 |
26 |
25 |
25 |
24 |
23 |
23 |
22 |
|
hoogte zitting |
54 |
53 |
51 |
50 |
49 |
47 |
46 |
44 |
43 |
42 |
41 |
|
diepte zitting |
41 |
41 |
41 |
41 |
41 |
41 |
40 |
39 |
38 |
38 |
38 |

